Hemd van het lijf met Derk Smit uit Nieuw-Buinen

NIEUW-BUINEN

Redacteur Paul Abrahams van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek het hemd van het lijf.

door Paul Abrahams

In aflevering 28 is het de beurt aan Derk Smit uit Nieuw-Buinen.

Wanneer ben je geboren?

Op 13 juni 1954 in Musselkanaal, de Hanne Bruininghstraat. In 1959 zijn we verhuisd naar de Ceresstraat, nabij de watertoren in Stadskanaal. Mijn vader was de eerste brugwachter van de zogeheten Philipsbrug. Die brug noemde ze ook wel de 'nieuwe brug'. Het Stadskanaal was destijds een drukke vaarroute. Er werd vanaf 's morgens zeven uur van alles vervoerd, zoals bijvoorbeeld bieten en aardappelen. We woonden zo'n beetje naast de brug. Mijn vader en mijn moeder en zes kinderen. Ik ben de één na jongste. Helaas zijn een broer en een zus te vroeg overleden.

Met acht familieleden in een huisje was het schipperen met de ruimte. Het was echt passen en meten. Toch had ik een eigen slaapkamer. Van jongs af aan lijd ik namelijk aan chronische bronchitis en astma. Ik was een zorgenkindje, de levensverwachting was niet hoog. Ik had daarom een stofvrije slaapkamer met zeil op de grond en speciale gordijnen en dekens. De huisarts was kind aan huis. Ik had het vaak heel erg benauwd. Er waren toen nog geen pufjes, in plaats daarvan kreeg ik regelmatig een injectie in de bil. Ook heb ik vaak in het Academisch Ziekenhuis in Groningen gelegen, waar extra zuurstof werd toegediend. Mijn ouders hadden geen auto, dus de reis werd met de ambulance afgelegd.

Ik heb les gekregen aan de openbare lagere school, nu De Badde. Ik heb door mijn ziekte de klassen twee en vier een keer over gedaan. Ik was namelijk vaak afwezig. Ik heb om aan te sterken ook een lange periode doorgebracht in de vakantiekolonie het Noorderhuis in Hoogeveen. Ik heb daar zelfs nog een keer Sinterklaas gevierd in plaats van thuis. Heel apart.

Je bent op jonge leeftijd gaan werken?

Na de lagere school, ik was toen veertien jaar, ben ik gaan werken bij exportslachterij Udema in Gieten. Een broer werkte daar ook. We werden met de bus opgehaald. Kwart over zes 's morgens moest je bij de halte staan. Was je te laat? Pech. Op weg naar Gieten werden in verschillende dorpen andere medewerkers van Udema opgepikt. Uiteindelijk waren alle stoelen wel bezet.

Na anderhalf jaar kwam de personeelschef met de vraag of ik belangstelling had om een interne opleiding te volgen: de primaire opleiding vleesverwerkende industrie. Vier dagen werken en één dag in de schoolbank. Ik was erg ambitieus en het ontbrak me niet aan inzet en wilskracht. Het resultaat? Mijn eerste rapport telde dertien keer een acht en vijf keer zeven. Wat waren mijn ouders trots! Na twee jaar opleiding heb ik me ook aan gemeld voor de vervolgopleiding secundaire opleiding vleesverwerkende industrie en in het vijfde jaar de chef opleiding. Ik heb uiteindelijk zelfs de slacht opleiding gedaan. Dat is best bijzonder.

Bij Udema werd goed betaald. Ik had als jonge knaap dan ook meer dan voldoende geld om leuke dingen te doen. Uitgaan in het weekend, vakantie vieren en ... het rijbewijs halen.

Na vijf jaar ben ik gestopt bij Udema. Ik was toe aan wat anders. Op loopafstand van ons huis in Stadskanaal werd een vestiging van Autorama geopend, achter de watertoren. Ik werd aangenomen als assistent van de chef slagerij op voorwaarde dat ik de opleiding aan de slagersvakschool voor het winkelbedrijf ging volgen. Vanwege mijn diploma's in de Udema periode mocht ik het eerste jaar overslaan.

Na één jaar Autorama Stadskanaal heb ik gewerkt bij Autorama Weerdingerstraat in Emmen. Daarna keerde ik weer terug naar Stadskanaal. Ik werd assistent chef slagerij bij Albert Heijn. Vervolgens ben ik aan de slag gegaan als chef slagerij van de Albert Heijn in Roden.

Aan Autorama Stadskanaal bewaar ik overigens goede herinneringen. Daar heb ik Lies ontmoet, waarmee ik inmiddels bijna 42 jaar ben getrouwd. We hebben twee zoons en drie kleinkinderen. Toen ik werd aangenomen in Roden, zijn Lies en ik ook verhuisd naar Noord-Drenthe. Dankzij de hulp van de bedrijfsleider van Albert Heijn kregen we in no-time een prachtig nieuw huis aangeboden. We hebben daar met heel veel plezier gewoond. We stonden allebei op de loonlijst van Albert Heijn. Ik werkte in de slagerij en Lies werd chef van de cosmetica afdeling.

Je hebt een eigen supermarkt gerund?

Langzaam maar zeker begon het te borrelen in de onderbuik. Ik wilde een eigen zaak runnen. Ik had in de loop der tijd uiteenlopende opleidingen gevolgd en toen ik een advertentie in de krant las om een A&O supermarkt in Diever over te nemen, heb ik geen moment geaarzeld. Ik schreef een brief en al snel zat een manager op de bank in onze woonkamer. Vervolgens gingen we in gesprek met de directeur op het hoofdkantoor in Assen en toen ook de bank financiële medewerking verleende aan de overname was alles snel in kannen en kruiken. We waren meteen verknocht aan de supermarkt in Diever. In de winterperiode was het niet zo druk, maar in de zomer struikelde je over de toeristen. In die maanden werden lange dagen gemaakt en dan hadden we in de bouwvak weken meer dan tien man personeel in dienst. De A&O werd overigens overgenomen van Henk ten Hoor die een andere koers wilde varen. Hij ging kleding verkopen en werd uiteindelijk een textielbaron.

Na zo'n vier jaar Diever hebben we nog een jaar een winkel van A&O gerund in Winschoten. Vervolgens zijn we in 1984 weer verhuisd naar Nieuw-Buinen, het geboortedorp van Lies. Ik heb in loondienst gewerkt bij slagerij Hommes in Oude Pekela en daarna kreeg ik de kans om weer bij Udema aan de slag te gaan als chef van de slachtploeg waar ik leiding gaf aan vijftig medewerkers. Mijn laatste werkgever was de Albert Heijn in Groningen. In 1986 werd ik weer (meer) ziek en nadat ik enkele weken in het ziekenhuis heb gelegen ben ik in 1988 volledig afgekeurd. Dat was een harde klap. Ik heb nog wel als omscholing voorbereidende lerarenopleiding consumptieve techniek op HBO niveau met succes afgesloten, maar ik heb jammer genoeg geen baan in het onderwijs kunnen vinden.

Ondanks mijn gezondheid heb ik wel in mijn jeugd gevoetbald. Eerst bij Seta en later bij Musselkanaal. Steevast laatste man en aanvoerder. Ik heb ook nog in het doel gestaan. Mijn trainers en mijn medespelers waren op de hoogte van mijn ziekte. Als ik tijdens de training moe was, mocht ik even uitrusten. Maar ik heb altijd mijn uiterste best gedaan om het zo lang mogelijk vol te houden. Op het trainingsveld en tijdens de wedstrijden. Toen ik in Roden werkte, heb ik nog een tijdje in het tweede team van Nieuw-Roden gevoetbald.

Ik heb ongeveer dertig jaar vrijwilligerswerk gedaan voor de voetbalvereniging Nieuw-Buinen. Eerst algemeen bestuurslid, later (wedstrijd)secretaris. Een mooie periode met een aantal kampioenschappen en veel publiek langs de zijlijn. Ik was medeoprichter van het Pinkster jeugdvoetbaltoernooi en elk jaar nauw betrokken bij het Kanaalstreek zaalvoetbaltoernooi in sporthal de Splitting. Jammer dat beide evenementen niet meer worden georganiseerd. Als waardering voor mijn inzet ben ik benoemd tot Lid van Verdienste van de voetbalvereniging.

Je bent gefeliciteerd door de koningin?

Naast het voetbal heb ik nog meer werkzaamheden verricht als vrijwilliger - onder meer secretaris en voorzitter Vereniging Dorpsbelangen Nieuw-Buinen en Steunpunt Vrijwilligerswerk, WMO gemeente Borger-Odoorn en mantelzorger voor mijn schoonouders - en in 2016 ben ik benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. Daar ben ik best trots op.

Trots ben ik ook op het bezoek van koningin Maxima op 13 juni 2017 aan Nieuw-Buinen. Zij kwam naar ons dorp om het landelijke startschot te geven voor Burendag 2017 van het Oranjefonds. Drie maanden eerder was ik al gebeld met het verzoek om medewerking te verlenen. Ik mocht het echter aan niemand vertellen! Maar er werd wel van mij verwacht dat ik als voorzitter van Dorpsbelangen Nieuw-Buinen uiteenlopende werkzaamheden moest verrichten om het bezoek van de koningin in goede banen te leiden. Zelfs medewerkers van de AIVD zijn in het geheim naar Nieuw-Buinen gereden voor overleg over bijvoorbeeld de routing in het MFA Noorderbreedte. Pas veertien dagen voor het bezoek mocht ik eindelijk vertellen dat Maxima naar Nieuw-Buinen zou komen. Er viel werkelijk een last van me af. Het voelt een beetje als een deelnemer die mee heeft gedaan aan Expeditie Robinson of Wie is de Mol. Die moeten ook maandenlang opletten om niet hun mond voorbij te praten.

Het was een geweldige dag. Niet alleen voor de inwoners van het dorp Nieuw-Buinen, maar voor de wijde regio. We scoorden landelijke bekendheid. En weet je wat zo mooi was. Het bezoek van Maxima was op mijn verjaardag. Toen ze uit de auto stapte, heeft ze me eerst gefeliciteerd! Geweldig toch. Zo attent.

De Vereniging voor Dorpsbelangen Nieuw-Buinen – de vereniging bestaat tien jaar - verzet veel werk. Dat varieert van het uitgeven van de dorpskrant om de twee maanden tot een wijkschouw, van de erfgoedwinkeldag tot het plaatsen van kerstbomen en van de oudejaars bijeenkomst in het dorp tot overleg met de gemeente Borger-Odoorn over uiteenlopende onderwerpen om de leefbaarheid van het dorp te verbeteren. Vorige week hebben we samen met de Historische Vereniging Nieuw-Buinen en Buinerveen nog de toeristische fietsroute gepresenteerd.

De tweehonderdste verjaardag van Nieuw-Buinen werpt haar schaduw ver vooruit. In 2023 wordt de mijlpaal gevierd. We zijn nu bezig met het zoeken van geschikte bestuursleden voor een werkgroep die het feest gaat organiseren. We hopen dat we alle namen in oktober, november kunnen presenteren. Het wordt een onafhankelijke werkgroep, dus de voorzitter van Dorpsbelangen Nieuw-Buinen wordt geen bestuurslid van die werkgroep. Wel ben ik vanzelfsprekend bereid om mijn steentje op een andere manier bij te dragen om de inwoners te trakteren op een mooi feest waar nog lang over wordt gesproken.