Duitse Rhede (bij Bellingwolde) viert meest Nederlandse dag van het jaar

Het wemelde maandag van de Nederlanders op de eeuwenoude jaarmarkt in het Duitse grensdorpje Rhede. Een Duits volksfeest waar de Nederlandse naaste buren uit Bellingwolde graag aan meedoen.

Voor Gerd Conens was het niet zomaar een dag. Voor het laatst liep hij als burgemeester over de Rheder Markt.

Schoolvrij

De jaarmarkt op zondag en maandag is eeuwenoud en heeft een klassieke status. De kinderen in Rhede hoeven op die dag niet naar school en veel volwassenen in het dorp nemen ook vrij om te slenteren langs de kraampjes en de grote paardenmarkt te bekijken.

En ieder jaar steken honderden Groningers de grens over om de markt te bezoeken. ,,Het is zelfs drukker dan in de vorige jaren, mede door het mooie weer’’, vertelt burgemeester Conens.

Paardenmarkt

Bijna 15 jaar geleden werd hij gekozen tot eerste partijloze burgemeester van Rhede. In die functie kreeg hij te maken met de markt; het is traditie dat de gemeente dat evenement regelt. ,,Ik heb die taak met veel plezier uitgevoerd en de markt de afgelopen jaren, na een mindere periode, weer op zien bloeien. De paardenmarkt is ook groter geworden. De handelaren komen vandaag ook uit andere Europese landen, zoals België.’’

Geen weemoed

Maandagochtend heel vroeg verwelkomde hij die paardenhandelaren voor het laatst als burgemeester. Op 1 november zwaait hij af, hij maakte lang geleden al bekend niet mee te doen aan de verkiezing van afgelopen voorjaar. ,,Wat de toekomst me brengt, weet ik nog niet. Wat ik wel weet, is dat ik vandaag absoluut geen weemoed heb. Ik geniet van deze dag.’’

Dat deed Jens Willerding ook. Hij is nu nog gemeenteraadslid namens het CDU, maar binnenkort is hij burgemeester. ,,Op 1 november begin ik in mijn nieuwe functie en dan zal een succesvolle Rheder Markt een van mijn doelen zijn. Het evenement verloopt, mede dankzij Gerd Conens, heel goed en zo moet het ook blijven. Het is prachtige reclame voor Rhede en mooi om te zien dat zoveel Nederlanders hiernaartoe komen.”