Nieuw licht op het ‘Huis van het Nieuwe Licht’

TER APEL Het kruisherenklooster van Ter Apel is als UNESCO top-100 monument één van de belangrijkste historische bouwwerken van Nederland.

"Als 'best bewaarde middeleeuwse plattelandsklooster van Nederland' duikt het gebouw op in allerlei publicaties, van populair tot wetenschappelijk", vertelt Margriet van Klinken. Zij is directeur Museum Klooster Ter Apel. "De eensluidende bouwgeschiedenis die daarbij vaak te vinden is, wekt op het eerste gezicht de indruk dat de bouwhistorie van het klooster al behoorlijk goed is uitgezocht. Dit blijkt zeer betrekkelijk te zijn. Er zijn door de eeuwen heen enkele onderzoeken naar het gebouw geweest, maar nooit een gedegen gedetailleerd onderzoek."

Toegankelijk

De Stichting Museum Klooster die samen met Adema Architecten de mogelijkheden bekijkt hoe het museum klooster beter toegankelijk en publieksvriendelijker kan worden gemaakt, heeft deze kans aangegrepen eindelijk het hele gebouw bouwhistorisch te laten onderzoeken. Zo ontstaat er een diepgaande biografie van het gebouw. Hans Ladrak en Jim Klingers van Battjes & Ladrak en Klingers Bouwhistorie & Restauratie hebben de opdracht gekregen.

Nieuwe inzichten

Er is in de afgelopen twee eeuwen al heel wat geschreven over de (vermeende) bouwgeschiedenis door onder meer de Groninger archivaris H.O. Feith (1841), de Groninger stadsarchitect C.H. Peters (1897), onderwijzer R.H. Herwig (1910 en 1916), de restauratiearchitect van het klooster C.L. de Vos tot Nederveen Cappel (1934) en vooral de Groninger archivaris A.T. Schuitema Meijer (1966), die het enige boek heeft geschreven dat enkel en alleen aan het klooster is gewijd.

Ladrak en Klingers zijn op veel punten tot andere conclusies gekomen. Met dit onderzoek krijgt het klooster Ter Apel, in de middeleeuwen Domus Novae Lucis (Huis van het Nieuwe Licht) genaamd dan ook een 'vernieuwde' geschiedenis. Deze begint twee eeuwen eerder en laat zien dat het complex in grote lijnen al voor 1500 zijn vorm kreeg, al vonden in de 16de eeuw diverse belangrijke verbouwingen plaats.

Uithoek van Groningen

Een belangrijke vraag is of er aan het huidige klooster nog een ander voorafging. En waarom stond het klooster eigenlijk op deze plek? Waarin lag de aantrekkingskracht van deze veronderstelde 'uithoek' van Groningen?

"In de 19de eeuw en vroege 20ste eeuw waren historici en bij het klooster betrokken architecten ervan overtuigd dat aan het huidige kruisherenklooster een 13de-eeuws premonstratenzer klooster voorafging. Sinds de dertiger jaren van de 20ste eeuw is deze opvatting taboe en geldt 1465 als het stichtingsjaar.

Voordien zou er alleen een kloosterhoeve (uithof) hebben gestaan, al dan niet met kapel. Zoals in dit rapport wordt beschreven, wringen juist deze recentere opvattingen met de bouwhistorische waarnemingen. Bovendien worden ze door geen enkele historische bron gestaafd. Hoogste tijd dus om afscheid te nemen van de bestaande geschiedschrijving."

VR project

Het onderzoek vond plaats in de periode augustus 2019-november 2020. In deze tijd vielen de maatregelen die door de coronacrisis werden genomen, waardoor de voortgang enigszins belemmerd werd. Desondanks kon er vaak in het klooster worden gewerkt toen het officieel gesloten was voor publiek.

Het onderzoek viel samen met het project van Freek Lagerweij van Jules Media om het middeleeuwse klooster in virtual reality na te maken. Voor dit project was een getrouwe reconstructie van het klooster en de kloosterenclave gewenst, waaruit een inspirerende uitwisseling van ideeën naar voren kwam.

USB-stick

Het rapport is afgelopen vrijdag gepresenteerd. Het eerste exemplaar werd op een USB-stick overhandigd aan Frits Bergman, voorzitter van het bestuur van de Stichting Museum Klooster Ter Apel.