Hemd van het lijf met Chris Heutinck

STADSKANAAL Medewerker Rie Strikken van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

In aflevering 163 is het de beurt aan Chris Heutinck uit Stadskanaal.

Het leven is goed voor Chris Heutinck. Hij heeft een fijn gezin, een mooi huis. Vader, moeder, broer en zus werken mee in zijn bedrijf. Dat bedrijf heeft wel wat last van corona, maar er is altijd vraag naar brandbeveiliging.

Hij is onderaan begonnen, heeft de nodige tikken op de neus gehad, weet hoe het is om letterlijk en figuurlijk in de shit te zitten en om alles weer netjes te maken. In het reguliere onderwijs hield hij het snel voor gezien. Sinds hij zijn maatschappelijke draai gevonden had deed hij de ene na de andere opleiding, heeft een grote map vol met diploma’s en certificaten.

Hij kent heel veel mensen, heeft een paar vrienden. De meeste kent hij van vroeger en die laat hij graag delen in zijn succes.

Wanneer ben je geboren?

"Op 8 september 1977. In het Refaja ziekenhuis. Wij woonden in Stadskanaal. Mijn moeder was thuis om te zorgen voor mijn jongere zus en broer en mij. Wij zijn nooit iets tekort gekomen. Mijn vader was directeur/mede-eigenaar van familiebedrijf HAVEHA, een begrip in de metaalindustrie. Ik was er veel te vinden. In 2001 is mijn vader er uit gestapt.

Na de Lieseschool, Oosterschool en twee jaar Semsmarken ging ik naar de LTS, eerst op de fiets en vanaf mijn zestiende op een brommertje. Toen ik daarna op de MTS wéér blokjes moest vijlen had ik het wel bekeken. Ik kwam uit de metaal en het eerste wat je dan leert is blokje vijlen. Iedereen heeft daar een hekel aan. Ik vond dat ik dat genoeg gedaan had.

Mijn vader zei: 'Je gaat niet op je kont zitten, kom maar bij mij in de zaak'.

Dat deed ik. Een dag in de week ging ik in Groningen naar school en de andere dagen was ik bij mijn vader aan het stralen, schilderen en spuiten, ook oude auto's. Alles wat vies was maakte ik weer schoon en netjes. Op zaterdag had ik, met vrienden, bij Hoving Holland een bijbaantje. Daar deed ik ook veel schoonmaakwerk. Ik had van alles onder handen, tot Trabantjes aan toe. Ik heb een prachtige jeugd gehad. Vrienden van vroeger zijn nog steeds mijn vrienden.

Beste vriend

Mijn beste vriend is Bart Klad. Wij kennen elkaar sinds de derde klas. Wij zijn groot geworden op Stadskanaal Noord, ik koester dat. Hij woont met zijn gezin op Noord, net als ik nu weer. Onze zonen zijn elkaars beste vrienden. Het is mooi om te zien hoe de geschiedenis zich herhaalt. Ties is hier kind aan huis, onze Tycho loopt bij Bart en Petra in en uit.

Gerda

Door Bart heb ik Gerda ontmoet. Petra en zij zijn vriendinnen. Wij zijn allemaal sportief. Bart, Petra en Gerda hebben op hoog niveau geturnd, ik kom uit een echte handbalfamilie. Mijn kinderwagen stond in de sporthal als mijn vader een wedstrijd speelde. De vrouw van de legendarische beheerder, Roelie Kleinstra, gaf mij achter de bar de fles. Zelf speel ik en coach een jongens handbalteam. Onze kinderen sluiten, net als wij vroeger, ook vriendschappen door de sport.

In 1998 kregen Gerda en ik een relatie. Mijn moeder had nog nooit een opmerking over een vriendin van mij gemaakt, maar toen ik Gerda voor het eerst mee naar huis had genomen zei ze na afloop: 'dat is wel wat voor jou mien jong'.

Brandweer

Ik had me al aangemeld bij de brandweer en had gesolliciteerd in Amsterdam en Rotterdam bij de beroepsbrandweer, hier in Groningen waren geen vacatures. Met een relatie zag ik dat niet zitten.

Sindsdien ben ik al jaren bij de vrijwillige brandweer hier in Stadskanaal. Ik ben technisch goed onderlegd, een doorpakker. Je ziet veel ellende, maar het is ook mooi om te doen: we proberen te redden wat er te redden valt, de schade te beperken. Het is een passie. Het mooie is ook dat je als brandweerman nooit alleen bent. Wij zijn met een groep en kunnen op elkaar terugvallen. Als ik een enkele keer te hard rij om snel bij de brandweerkazerne te komen, dan krijg ik tegenwoordig wel eens een middelvinger, maar wij hebben gelukkig nog niet veel met agressie te maken.

Beveiliging

Via de brandweer ben ik uiteindelijk ook in de beveiligingsbranche terecht gekomen. Mijn vader stapte in 2001 uit de zaak. Ik heb daarna nog verschillende banen gehad. Bij mijn laatste werkgever, bij een bedrijf op gebied van brandbeveiliging, ben ik na een conflict op staande voet vertrokken.

Mijn vader heeft me met een lening op weg geholpen om voor mezelf te beginnen, dat was in 2006. Ik kon me ook wel een klein beetje veroorloven, Gerda stond fulltime voor de klas, dus er was een inkomen.

Kinderen

In 2004 zijn wij getrouwd. We wilden graag jong kinderen, maar dat lukte niet. Dat hingen we niet aan de grote klok, maar Bart en Petra wisten het natuurlijk wel. Uiteindelijk was Gerda zwanger, het was nog heel pril. Bart en Petra nodigden ons op een gegeven moment uit voor een gezellig avondje. We merkten dat hen iets dwars zat. Het hoge woord kwam eruit: met tranen in de ogen zei Petra dat ze zwanger was en dat ze het zo erg vond dat het bij ons niet lukte…. Toen hebben we hen toch maar verteld dat wij ook een kindje kregen. Onze Annemijn is wat te vroeg geboren, maar ondanks dat zit er nog geen maand tussen haar en Juliët van Bart en Petra. Annemijn en Juliët zijn elkaars beste vriendinnen.

Tycho is van 2009 en in 2011 is Jens geboren.

CH Brandbeveiliging

Ik ben mijn bedrijf, CH Brandbeveiliging, begonnen in de boerenschuur van mijn schoonvader. Daar had ik een werkplaats en kantoor.

Via wat omzwervingen zitten we nu in de oude brandweerkazerne. Die konden we in 2016 kopen.

Voor collega-brandweerlieden is het leuk om er af en toe nog eens een kijkje te nemen. Toen we het net gekocht hadden rende Tycho enthousiast door het pand en riep: 'Joepie, wat een mooi familiehuis! Hier kunnen wij allemaal wonen, wij, opa en oma, tante Nathalie en ome Wim'.

Familie

We zijn close, maar dat hebben we maar niet gedaan. De hele familie is wel werkzaam in het bedrijf. Mijn vader doet de boekhouding, mijn moeder vind je geregeld in de bedrijfskantine, mijn zus en broer staan ook op de loonlijst. We zijn al bijna weer uit ons jasje gegroeid.

Jubileum

Volgende week vieren we het vijftienjarig jubileum. Ik had graag flink uitgepakt, samen met ons vijftienkoppig personeel, dat zijn ze van mij ook wel gewend. Maar vanwege corona houden we het bescheiden. Na corona komt dat nog wel en keer.

Crossfit

Door corona ligt de meeste sport stil. Handbal gaat niet, maar om toch beweging te krijgen doe ik sinds november vorig jaar aan crossfit, samen met Bart. Na afloop mogen we graag even in de jacuzzi zitten… biertje erbij.

Voor de toekomst heb ik geen grote wensen. Gezond blijven, dat is al heel wat.

Sinds anderhalf jaar wonen we in dit huis. We zijn er blij mee, maar er moet, vooral buiten, nog van alles gebeuren. De tuin is een beetje een rommeltje, maar alles hoeft niet tegelijk. Het is een fijne buurt. De kinderen lopen bij elkaar over de vloer, wij als volwassenen staan voor elkaar klaar bij kleine of grotere klusjes.

Natuurlijk wil ik het bedrijf uitbreiden, maar ik ben tevreden met wat ik heb en dat wil ik de kinderen ook bijbrengen. Hopelijk kunnen we deze zomer weer naar ons favoriete vakantieland, Italië. We staan met de caravan meestal ergens in de buurt van het Gardameer.

Ik ben een sociaal mens. Net als mijn moeder sta ik graag in de keuken, kokkerellen met familie of vrienden vind ik heerlijk. Ik kan genieten van mensen om me heen. Lekker een biertje drinken, beetje dom ouwehoeren of juist een heel serieus gesprek, ook met de kinderen.

Behalve dan tijdens Formule 1. Laat ik maar eerlijk zijn, voordat de kinderen het zeggen. Tijdens de Formule 1 wil ik niet gestoord worden. Ze weten, dan is hier het motto: Allemaal klep houden!"

Rie Strikken