Parkheem Stadskanaal 60 jaar: van verplicht havermout naar zorg met gps

Een medewerker die te weinig woog moest vroeger havermoutpap eten. In het Parkheem van 2019 is er technologie als gps. Het woonzorgcentrum in Stadskanaal, dat het 60-jarig bestaan viert, kijkt terug en blikt vooruit.

Met het doorknippen van een lint opende oud-medewerker Albertje Danker-Brinks (79) maandagochtend de foto-expositie in de hal. Zij werd bijgestaan door wethouder Lian Veenstra (SP) van Stadskanaal. De handeling vormde tevens de aftrap van de feestweek waarmee het 60-jarig bestaan van de locatie van Zorggroep Meander wordt gevierd.

De jubileumweek omvat onder meer twee open dagen, op 24 en 29 september, met proeverijen van lokale producten, rondleidingen en activiteiten voor bezoekers. Daarbij wordt terug- en vooruitgeblikt, zoals in de verhalen van oud-medewerkers als Danker-Brinks en Zwaantje Halmingh die in het gebouw te lezen zijn.

‘Wie te weinig woog, moest havermout eten’

Zo herinnert Albertje Dank-Brinks zich: ,,In 1958 werd het personeel gewogen. Als je te weinig woog, moest je havermoutpap eten.’’

Het opmerkelijkste dat ze meemaakte was de klap van een bewoner, omdat ze haar werk niet goed zou doen: ,,Dat zag de directeur. In een schrikreactie gaf ze de bewoner een tik terug. Die mevrouw heeft me daarna nooit meer geslagen.’’

Halmingh, een van de sprekers bij de opening, vertelde dat de inrichting van de kamers in de eerste jaren sober was: ,,Zodat mensen niet de indruk kregen dat hier met geld werd gesmeten.’’

Ouden van dagen

Een zorgcentrum heette toen nog ‘rusthuis voor ouden van dagen’. De naam Parkheem refereert aan de ligging in het fraaie Julianapark. Het tehuis werd in 1958 geopend, met 59 bedden en 32 woningen. Zoals er in die tijd meer ‘bejaardenoorden’ werden gebouwd. Mensen hadden het niet breed en de overheid wilde haar ouderen een mooie oude dag geven.

Van intensieve zorg, stipte directeur Jolande Ellenbroek aan, was in die tijd nog niet echt sprake. Bewoners werden geholpen met douchen en aankleden. Tussendoor was ruim de tijd om te breien en zilver te poetsen en er werd zoveel schoongemaakt dat geen spinnenweb een kans maakte.

Verzorgingstehuis

Het bejaardentehuis maakte in 1995 plaats voor een verzorgingstehuis en de nadruk kwam meer en meer op het verzorgen van kwetsbare ouderen. Kenmerkend is dat een ziekte of aandoening in de beginjaren een reden was om opname te weigeren, terwijl dementie of een lichamelijke beperking in de 21ste eeuw juist een voorwaarde is voor een plekje.

De definitieve omslag naar ‘modern verpleeghuis’ volgde met de verbouwing in 2013. Er kwamen 29 ruime appartementen bij voor mensen met een lichamelijke beperking, en kleinschalige woonvormen voor mensen met dementie.

Zoveel mogelijk vrijheid

Ellenbroek keek, net als collega-directeur Peter Drenth, ook vooruit. Want Parkheem zet het komend jaar in op een volledig ‘open-deuren-beleid’ met behulp van zorgtechnologie. ,,Met een speciaal systeem kan iemand met een visuele beperking haar eigen deur openen en sluiten, en zodoende meer regie terugkrijgen. Onze meest belangrijke technologie is gps. Daarmee behouden bewoners zoveel mogelijk vrijheid.’’

Plezier is, Ellenbroek stipte het nog maar eens aan, een groot goed in Parkheem, evenals vrijheid. Dus was er voor de bewoners, na het handjevol sprekers, gebak en zongen ze met shantykoor De Roergangers het Parkheemlied, bij wijze van tijdverdrijf,

Want, zoals een bewoner opmerkte: ,,